‘Er bestaan inderdaad ochtend- en avondmensen.’ Deze conclusie haal ik letterlijk uit een mediabericht over een nieuw onderzoek. Die uitkomst is om te beginnen al heel bemoedigend voor wie wel eens aan zijn of haar bestaan twijfelt. Maar er is meer interessants aan het licht gekomen. Er blijken namelijk ook ‘middagmensen’ en - let op - ‘dutjesmensen’ te bestaan:  baanbrekend nieuws! Dit maakt het mogelijk meer begrip voor elkaar te hebben. Maar het roept ook nieuwe risico’s op.

Eerst over het onderzoek: dat werd uitgevoerd onder 1300 mensen. Ik werd daar zelf niet voor gevraagd, dus dat kan het beeld al snel vertekenen. Het onderzoeksteam bestond uit  Belgische en Russische slaapwetenschappers. Denk bij de eerste nationaliteit nu niet meteen aan moppen, en bij de tweede niet direct aan nepnieuws, want het is echt een serieus onderzoek. Om het duidelijk te krijgen zet ik de vier slaaptypes met hun kenmerken even op een rijtje.

De ochtendmens: het meest alert tussen 9 en 11 uur, wordt daarna steeds slaperiger.

De avondmens: komt pas na 10 uur ’s morgens op gang; blijft de rest van de dag vrij alert; wordt pas echt slaperig na 10 uur ´s avonds.

De middagmens (een nieuw ontdekt soort): wordt het meest slaperig wakker van de vier types, maar dat neemt rond een uur of 11 af; deze is tussen 12 en 17 uur het meest alert, maar daarna keert de slaperigheid terug en wordt steeds heviger.

Maar dan de dutjesmens: die heeft twee slaappatronen op een dag; is net als de ochtendmens na het opstaan direct heel alert, en blijft dat tot 11 uur die morgen; wordt daarna steeds slaperiger, met om 15 uur het toppunt van vermoeidheid, maar herpakt zich daarna toch weer. Deze mens gedijt niet letterlijk bij het doen van en dutje, dat lijkt maar zo. 

Zoals gezegd: deze inzichten helpen ons elkaar beter te begrijpen. Stel je bent zelf een ochtendmens, dan hoef je door dit onderzoek niet meer geïrriteerd te raken door een collega, een avondmens, als die altijd zo laat op het werk komt. Want je weet nu dat hij of zij de hele dag vrij alert blijft. En als hij/zij na 10 ´s avonds slaperig wordt merk je dat toch niet, want je haakte zelf waarschijnlijk om drie uur ’s middags al af. Het is hooguit saai voor het gezin van die collega.  

Het is dus enorm belangrijk van jezelf te weten tot welk type je behoort. Ben je er nu eindelijk  achter dat je eigenlijk altijd al een dutjesmens was, dan snap je ook dat je tussen elf uur in de ochtend en drie uur in de middag geen bijzondere aankopen moet doen. Een struik broccoli of een halfje bruin kopen blijft onschuldig. Maar het wordt link als je in die tijd bijvoorbeeld electronica gaat kopen, of benzine tanken. Voor je het weet sta je buiten met afgeprijsde analoge tv, en vergat je dat je eigenlijk 4K wilde. Of je stelt domme vragen, zoals of er al 5G op je nieuwe afzuigkap zit. Om maar te zwijgen over het tanken van de verkeerde brandstof.

Zelf heb ik me lang als avondmens beschouwd. Maar dat is de laatste jaren verschoven,  in ieder geval wat de avondactiviteit betreft. Ik ben er daarom ook van overtuigd dat er wel meer typen mensen bestaan. Ik pas zelf niet meer in de vier genoemde varianten. Als ik met iets leuks bezig ben kan ik daar mateloos lang mee doorgaan, maar evengoed uit het raam staren als het achtuurjournaal weinig nieuws biedt. Ik zie mezelf meer als ambi- of fleximens. Maar ja, dat hebben de Belgische en Russische onderzoekers niet in kaart gebracht. Onverstandig. Dat krijg je ervan als ze mij niet onderzoeken. Overigens slaap ik vrij goed, daarnaast verbeeld ik me regelmatig uitgeslapen (niet te verwarren met ontslapen) te zijn. Maar misschien bent u tijdens het lezen al ingeslapen. Eh ….. 

Ton van Leijen (avanleijen@lijbrandt.nl)