Wie of wat zijn buren? Wie alleen naar het programma “De Rijdende Rechter’ kijkt zou kunnen zeggen dat buren vooral vervelende, overlast veroorzakende, klagende en pesterige wezens zijn. Niet soepel dus, star, onredelijk, niet in staat tot normale communicatie, laat staan tot inschikkelijkheid, tolerantie of vreedzaam naast elkaar te huizen. Gelukkig is dat geen bepalend beeld; media bieden immers niet het normale leven maar de uitzonderingen, de afwijkingen. Buren heb je in soorten en maten: een buurman in het ziekenhuisbed naast dat van jou, de bakker naast je eigen winkel enz. Maar voor het overgrote deel zijn buren de gewone mensen die naast of tegenover je wonen in de straat, of verderop aan dezelfde weg.   

Buren gedragen zich net als jezelf. Grappig hoe kleine dingen soms opvallen. Blauwe containers die barstensvol raken door overvloedig veel verpakkingen als gevolg van de explosie aan online-aankopen. Weinig groene containers aan de weg omdat het tuinwerk vrijwel stil ligt. En ineens minder grijze containers op de afhaalplek omdat je nu kunt besparen als je minder aanbiedt. Logisch, maar soms ook komisch dat gezamenlijke gedrag. Door de coronabeperkingen ontstaat ook andersoortig gedrag. Minder leuk zijn de irritaties thuis als meerdere gezinsleden daar werken en studeren, leegte door het wegvallen van sociale voorzieningen, festiviteiten enz. Er is verveling, er wordt gemopperd, en niet zo’n beetje ook.

We zien het ook vertaald in de rellen waarvan we aan het bijkomen zijn. Die ellende was er vooral in stedelijke winkelcentra; misschien omdat daar weinig ‘buren’ wonen, en omdat raddraaiers vaak van elders kwamen. Misschien is daar de onvrede onder jongeren ook groter omdat je in een stedelijke omgeving per definitie meer cultuurvoorzieningen mist op loopafstand dan in een dorp, of … de analyses zullen het nog wel duiden. Maar ook hier lijkt misselijk gedrag zich in anonimiteit af te spelen. Want ik stel me voor dat je geen winkel plundert als die van je buurman is, geen auto in de fik steekt van je collega, of een ruit in een ziekenhuis ingooit waar je zus moet bevallen. Misschien dat na de kater er nieuw inzicht ontstaat hoe die anonimiteit een rol speelt in het gedrag van jongeren, hoe ze uit de band springen met gevolgen die ze voor zichzelf nooit zouden wensen. Maar sprekend over buren gebeurden er daar veel mooie dingen: als reactie op de rellen ontstond er een ongehoorde solidariteit onder gedupeerden, maar ook in hun omgeving.

Toenaderingen, elkaar hulp bieden, contacten die de eenzaamheid van anderen verzachten, het zijn gewone, alledaagse patronen in een dorp of straat, en ze zijn belangrijk. Ook als je nauwelijks bij elkaar over de vloer komt kan alleen al het feit dat je elkaar kent al een veilig gevoel geven en woongenot vergroten. Je weet wat je aan elkaar hebt, dat je er voor elkaar bent als dat nodig is, van wie je een ladder of aanhanger kunt lenen, enz. Of niet natuurlijk, want het is niet overal zo harmonisch. Er kan benauwende sociale controle zijn, ongezonde nieuwsgierigheid, een dorp kan iets kneuterigs krijgen. Maar het kan ook als een warm bad zijn. In een straat waar mensen elkaar kennen zul je niet gauw een week dood in huis liggen. Anonimiteit vergroot afstand, bekendheid verkleint of overbrugt die.

Je leert in deze tijd een legertje mensen kennen dat met busjes onze spullen komt brengen. En je ziet veel meer mensen op straat dan voorheen, hand in hand kuierend, keuvelend met op hun gezicht leesbaar een zalige rust, of alleen met hond, opnieuw ontdekkend hoe heerlijk het is geduldig te wachten tot de uitgelaten viervoeter zijn productie in de berm heeft afgerond. Knus, en gezellig, bijna á la Dickens, schijnbaar het noemen niet waard. Maar dat is juist het nieuwe: waarom deden we dit niet eerder? Je herkent bij anderen het gedrag dat je zelf ook vertoont. Mensen groeten elkaar, het wordt vriendelijk op straat. Ongemak verbindt, lotsverbondenheid in het samen dragen van de lockdownlasten verbroedert. Nu maar hopen dat dat niet verdwijnt als we eenmaal zijn gevaccineerd.   

Ton van Leijen (avanleijen@lijbrandt.nl)