Er leeft onder ons mensen veel spanning en onzekerheid. Onze gesprekken en media zijn ermee gevuld. Belarus, China, zorgen om Polen en Hongarije, maar ook uitdijende machten van techgiganten als Marc Zuckerberg, Elon Musk, enz. In eigen land zien we groeiende tegenstellingen. Foute sentimenten krijgen greep op mensen. Dat beangstigt: wat gebeurt er toch? Of: waarom laten we het gebeuren? Hoe brengen we dit tot staan? Sommigen nemen  het recht in eigen hand nemen, of gaan meewerken aan datgene waartegen ze juist zeggen te willen strijden: dictatuur.

En ja, soms lijkt het erop dat de onderwereld greep krijgt op de bovenwereld. Als bijvoorbeeld Kamervoorzitter Bergkamp vertelt dat er Kamerleden zijn die zich in discussies een beetje inhouden uit angst voor wat hen te wachten staat: bagger op sociale media, of erger: fracties die hun achterban prikkelen tot agressieve daden. We waren een tolerant land, met een goed rechtssysteem en oog voor minderheden, we polderden samen over oplossingen. Nu werden in Rotterdam politiemensen zodanig bedreigd dat ze uit lijfsbehoud gericht op mensen moesten schieten. Zo’n agent komt thuis met deze ervaring; zou zijn of haar partner nooit zeggen: “kap er toch mee, zoek een andere baan, ook voor mij en de kinderen”?

Aan onze welvaart is gebouwd door voorgaande generaties. Ze wilden af van het oorlogstrauma, en een betere samenleving voor hun kinderen. Ze hadden gedeelde idealen, overtuigingskracht, werden gedreven door levensbeschouwelijke en/of politieke idealen. Maar langzamerhand lijkt het meer ieder-voor-zich. De enorme welvaartsgroei heeft consumenten van ons gemaakt, het materialisme viert hoogtij, Black Friday wordt ons voorgesteld als een noodzakelijke aanvulling op wat we al hebben. De kostbare vrijheid van meningsuiting wordt misbruikt als we ons niet meer afvragen waarmee we een ander kunnen dienen. Sommigen geven ongezouten kritiek op alles wat hen voor ogen komt, of ze er nu verstand van hebben of niet.

Dat komt niet door corona. Wie egoïstisch, eigengereid, dom of zelfs crimineel is was dat ook al vóór corona. Maar corona kan dat wel versterkt hebben, vooral als we ons beperkt voelen in onze bewegingsvrijheid. En zeker: er zit in sommige vormen van verzet wel degelijk een terecht verwijt aan ‘de overheid of ‘de’ samenleving. Er worden fouten gemaakt, er is scheefgroei. Maar we zijn ook onze verworvenheden als vanzelfsprekend en onaantastbaar gaan zien. En zo hebben we het onderhoud verwaarloosd van de basis waarop we leven. Want als het mis gaat repareren we dat snel  met nieuwe wetgeving, of sussen we het probleem heel royaal met subsidies (‘de zakken zijn diep’); echt korte-termijn-reacties, een vlucht naar voren. En we troosten elkaar dan krampachtig: ‘even doorbijten’, ‘het komt gauw weer goed’, en ook ‘u mag met Sinterklaas en Kerst wel even samenkomen hoor’.

Als de geest uit de fles komt is er meer nodig dan alleen maar die er zo snel mogelijk weer in te krijgen. Er zou ‘aan de voorkant’, aan de basis iets moeten veranderen. Werken aan onderlinge solidariteit. Zodat mensen tot hun recht komen, dat voorzieningen en welzijn bereikbaar worden voor iedereen, materiële en vooral ook geestelijke armoede worden tegengegaan. Kijk naar de jeugdproblematiek of de eenzaamheid onder ouderen: niet geld of voorzieningen, maar menselijke aandacht zijn het werkelijke gemis.

Dat is moeilijk. Maar wijze mensen kunnen ons helpen. Bijvoorbeeld in wat ze zeggen na een leven van inzet en op basis van ervaring. Zoals de Zuid-Afrikaanse ex-president  De Klerk die opriep de grondwet en de zuivere en onafhankelijke rechtspraak te verdedigen. En hoe aantrekkelijk praktisch (en gevoelsmatig logisch) een 2-G-aanpak ook mag zijn, het raakt wel aan een van onze grondrechten. Of denk aan bondskanselier Angela Merkel die erop wees dat democratie moet worden bevochten en geleefd, ingevuld en beschermd. Er zijn krachten, zelfs in onze volksvertegenwoordiging, die dat  beschadigen. Dat is heel ernstig. Dat raakt de basis van onze beschaving.  

Ton van Leijen (avanleijen@lijbrandt.nl)