Coelenhage stopt, het vertrouwde restaurant en partycentrum aan de Zuiderzeestraatweg in Wezep. Een familiebedrijf houdt na ruim honderdenvijfenzeventig jaar op te bestaan. Dat bericht hakte er nogal in. Zwaar allereerst voor de eigenaren natuurlijk. Maar ook voor het dorp: voor wie er al dan niet regelmatig at, vergaderde, een receptie bezocht of een feestje vierde. Ook de horecabranche schrok: ik las over andere restauranthouders die het niet hadden verwacht, ondanks de grote moeite die corona juist hun sector bezorgt. Maar ook voor een bredere groep hoorde het echt bij ons dorp. Over beeldbepalend gesproken.

In gesprekken met ‘buitenstaanders’ kon je het meemaken dat werd gezegd “Wezep, is dat niet waar Coelenhage zit?”. Ik vroeg me af welke andere beeldbepalende elementen we in ons dorp nog hebben. Stadjes als Elburg of Hattem kunnen uitpakken: een stadsmuur, stadspoort, een synagoge of sjoel, een oud stadhuis e.d. In Wezep is eigenlijk alleen de dorpskerk nog beeldbepalend. Iets daarna komt dan gelukkig nog restaurant De Zeuven Heuvels, de voormalige kazernes Willem de Zwijger of van de Marechaussee. Meer naar buiten de Prinses Margrietkazerne, enkele landhuizen waaronder IJsselvliet, en fier daar  tegenover in het weiland de duiventil. Het stationsgebouw is verdwenen net zoals een paar andere markante panden. (Ik hoop dat ik niemand onrecht doe …)

Gebouwen houden het meestal langer uit dan mensen. Maar laten we het eens wat kleiner maken: ook als het om mensen gaat kan er veel vertrouwds zijn zonder dat je er direct een speciale verbondenheid mee hebt zoals met familie, klant of iets dergelijks. Soms beleef je een stukje van je dorp via de mensen die er waren of nog zijn. Ik herinner me de voormalige zwembadmanager, vrolijk groetend vanaf zijn fiets met een eeuwige sigaar in de mond, al jaren terug overleden. Of de huisarts, de tandarts, de therapeut. Die ene man die veel door het dorp fietst met zijn haren in de wind, die ene wandelaar die altijd zijn bekende route aflegt, enz. In gesprekken kun je het horen: “heb je die-en-die nog gekend? Ze was altijd zo actief in … ze is al overleden.” Mensen worden gelinkt aan wat ze deden, bedrijvigheid, accommodaties. Gezichten bij wat er was maar is verdwenen, of niet meer is wat het was.  

Rationeel bezien stelt het misschien weinig voor, maar toch vullen die mensen op afstand een deel van je eigen leefwereld, de identiteit van je dorp of stad. Of van de straat: zelfs buren waarmee je nauwelijks contact hebt zijn een deel van je vertrouwde leefwereld. Natuurlijk komt het voor dat je sommigen kunt missen als kiespijn, maar meestal mis je iets als ze verhuizen of het leven laten. Er ontstaat een andere situatie, die vaak weer wordt gevuld door nieuwe mensen of verschijnselen. Soms met positieve effecten. Zo bezien kan het verdwijnen van Coelenhage een impuls betekenen voor de andere restaurants in ons dorp. Of er komen nieuw bouwsels. We hebben geen orgelmuseum, maar wel muziekwinkels, een klompenwinkel, en een heus Corvettemuseum. En de tijd bepaalt of ze onderdeel gaan uitmaken van je eigen vertrouwde ‘habitat’.

Als dit een quiz was zouden er leuke vragen kunnen volgen: wat is voor jou beeldbepalend in je dorp, je straat, je buurt? En waarom eigenlijk? Of: kun je dat concreet maken?

Ton van Leijen (avanleijen@lijbrandt.nl)